KENNISCENTRUM SOCIALE INNOVATIE BEN FRUYTIER (1950 - 2014) LECTOR ORGANISATIECONFIGURATIES EN ARBEIDSRELATIES

Mijn bedrijf 2.0: sociale innovatie in het MKB

De winst zit in je mensen: dat was het motto van het project ‘Mijn bedrijf 2.0’, dat het lectoraat van 2009 tot 2013 uitvoerde. Het doel was om de groei en continuïteit van het MKB te stimuleren door middel van sociale innovatie. Zo’n 400 bedrijven uit de provincie Utrecht deden aan het project mee. En met succes: zij verbeterden hun bedrijfsprestaties door meer uit hun mensen en hun organisatie te halen. 

Toen rond 2007 de eerste initiatieven voor dit project werden genomen, was sociale innovatie binnen het MKB een tamelijk onbekend begrip. Wel onderkenden steeds meer partijen dat sociale innovaties belangrijk zijn voor economische groei. Dat bracht het lectoraat ertoe om een aantal partijen bij elkaar te brengen om met dit thema aan de slag te gaan. Die partijen waren TNO, Syntens, de Taskforce Innovatie Regio Utrecht (TFI), en het lectoraat Organiseren van Innovatie van de Hogeschool Utrecht. Gezamenlijk startten we in 2009 het project Mijn Bedrijf 2.0, gericht op bedrijven van 5 tot 250 medewerkers in de provincie Utrecht.

MKB’ers bewustmaken van de kansen van sociale innovatie
Het eerste doel van het project was om MKB’ers bewust te maken van het nut van sociale innovatie voor hun bedrijf. Daartoe organiseerden we conferenties en workshops en richtten we een digitale portal in met veel informatie en ervaringsverhalen. Daarnaast kregen de deelnemende bedrijven de kans om een innovatiescan in te vullen, die inzicht gaf in hun innovatievermogen. Op basis daarvan ontvingen zij een adviesrapport en een gesprek met een organisatieadviseur. Deze adviseerde hen over de vernieuwingen die zij in hun bedrijf zouden kunnen doorvoeren.

Toepassing in de praktijk
Het tweede doel van het project was dat de deelnemers ook daadwerkelijk sociale innovaties in hun bedrijf zouden toepassen. De adviezen uit de innovatiescan dienden daarvoor als basis. De bedrijven konden deze adviezen zelfstandig opvolgen of een implementatietraject doorlopen met een adviesbureau of kennisleverancier. Voor dat laatste konden zij via het project een ‘sociale-innovatievoucher’ aanvragen. Los van deze individuele trajecten organiseerden we in totaal ruim 90 masterclasses, kenniscafés en andere gezamenlijke bijeenkomsten, waar ondernemers hun kennis vergrootten en hun ervaringen deelden.

Kennis ontwikkelen en verspreiden
Het derde projectdoel was om samen met het MKB nieuwe kennis te ontwikkelen over sociale innovatie en deze kennis te verspreiden. Daartoe volgden de onderzoekers het project op de voet. Zij analyseerden de resultaten van de innovatiescans, de inhoud van de adviesrapporten en de verslagen van de implementatietrajecten. Ook hielden zij een eindmeting onder de deelnemende bedrijven. Deze bedrijven vulden een tweede innovatiescan in, waarin de effecten van het advies- en implementatietraject zichtbaar werden. De onderzoeksresultaten werden naar buiten gebracht in een aantal publicaties, op bijeenkomsten en op een afsluitende conferentie.

Wat heeft het project opgeleverd?
Hoewel het project langzaam op gang kwam, is het uiteindelijk een succes geworden. 395 bedrijven vulden de eerste innovatiescan in en kregen zo meer inzicht in hun mogelijkheden. 239 bedrijven lieten een interventie uitvoeren door een adviesbureau of kennisleverancier. Uit de eindmeting blijkt dat zij sinds het adviestraject beter in staat zijn om:

  • flexibel in te spelen op vragen uit de markt;
  • hun producten en diensten - alleen of samen met anderen - te vernieuwen of te verbeteren;
  • hun werkprocessen anders in te richten waardoor er efficiënter gewerkt wordt;
  • hun personeel flexibel in te zetten en meer verantwoordelijkheden te geven.

Ook zijn bij deze bedrijven de bedrijfsprestaties toegenomen, zoals de arbeidsproductiviteit, de geleverde kwaliteit, de service, klanttevredenheid en winst. En voor alle bedrijven geldt dat zij zich ervan bewust zijn geworden hoe lonend het is om beter gebruik te maken van de talenten van hun medewerkers, hun managementstijl daarop af te stemmen en hun bedrijfsprocessen regelmatig onder de loep te nemen.

Hoe gaat het verder?
Veel deelnemers aan Mijn Bedrijf 2.0 hebben het project vooral gebruikt om intern vernieuwingen door te voeren. Uit de resultaten blijkt dat dat succesvol was. Maar sociale innovatie richt zich ook op externe samenwerking: met collega-bedrijven, klanten, leveranciers en kennisinstituten. Die samenwerking kan een grote impuls geven aan de vernieuwingen waar de markt om vraagt.

Tijdens Mijn Bedrijf 2.0 heeft een aantal deelnemers zich op die samenwerking toegelegd. Zo zijn er enkele samenwerkingsverbanden ontstaan en hebben bedrijven samen met hun klanten hun producten vernieuwd. Naar ons idee is er op dit vlak echter nog meer winst te behalen. Zeker omdat er in de regio Utrecht zowel veel MKB-bedrijven als kennisinstituten zijn. Die samenwerking wordt dan ook een van de speerpunten van het vervolgproject Mijn Bedrijf 3.0.

Momenteel zijn we bezig met de voorbereidingen van dit vervolgtraject. Dit traject zal zich richten op MKB-bedrijven in de creatieve industrie en de zorg. Samen met onze partners voeren we gesprekken over de invulling van het project, om uiteindelijk een nieuw Europees subsidievoorstel in te dienen. We houden u op deze website graag op de hoogte.

Publicaties

Uitvoering
Vanuit het lectoraat OCA waren de volgende medewerkers bij het project betrokken:
Ben Fruytier
Rob Gründemann
• Astrid Bolland
• Eva Hijmans
• Thijs Verheijen
Marian Thunnissen
 

Meer informatie